Convergerende Werkelijkheden (69)

  1. Beste Lezers, ondertussen is het pasen geworden. Wat feestdagen, waar ik niet veel aan vindt, maar voor mij vooral het begin van het camperseizoen. Die moet eerst een APK krijgen, zoals elk jaar. Zaterdag begint het feest dan, om te bwghinnen naar de Duitse grens, om daar tuinhuizen te gaan bekijken. We hebben een camperplaats gevonden bij Twist. Daarna misschien de andere kant heen. De 6e mei moeten we dan weer terug zijn.
  2. DE foto deze week is van et hooofdantoor van France Televisions, waar Luke, Mary en Liesje goede zaken doen met hun documentaires, en het bedrijf belangstelling toont voor het boek van Naomi en Klaartje en mogelijk voor een film over het dramatische leven en de bevrijding en opmerkelijke wederopstanding van Naomi.
  3. In hoofdstuk 69 van het Feuilleton komt Julia met dochter Evy en nichtje Noa naar Rotterdam, op visite bij Wanda en Ramon. Iris en Jacqui zijn erbij, maar dit weekend staat Wanda centraal. Ze is een hartelijke gids en gastvrouw, als ze met de watertaxi naar de SS Rotterdam varen. Ze beleeft een heerlijken tedere nacht samen met Iris.
Hoofdstuk 69 Thuis en Uit

Om elf uur komen de bezoekers bij Wanda aan. Iris stelt Wanda aan Julia voor als haar vriendin. De meisjes zijn dolblij om Ramon weer te zien. Ze blijven uit beleefdheid even beneden waar ze limonade drinken, maar verdwijnen dan acuut naar Ramons zolderkamer. Daar zien ze tot hun verbazing een driepersoonsmatras op de grond liggen.
‘Zouden ze dat speciaal voor ons neergelegd hebben?’ vraagt Evy een beetje naïef.
‘Nee, de koningin komt logeren,’ spot Ramon.
‘Aangenaam, Beatrix,’ zegt Noa. ‘Maar zeg maar gewoon Sire hoor.’
‘Mag ik vannacht bij u in bed, Sire?’ speelt Evy mee.
‘Jullie weten niet of ik jullie er wel bij wil hebben.’
‘Wil je anders met die ouwe tang vrijen,’ daagt Noa uit. ‘Ze is al boven de tachtig hoor.’
‘Ramon houdt van uitersten. Hij wil ze of heel oud of heel jong. En ik ben de jongste, dus je maakt vannacht no-chance.’
Zo pesten ze elkaar nog wat verder.

Beneden vertelt Julia over haar voorlopige breuk met John.
‘Toen jullie weg waren begon hij al moeilijk te doen. Hij kreeg argwaan omdat Evy zo straalde en uitgelaten was. Ze heeft de hele week niets tegen hem gezegd. Donderdag verbood John haar naar jullie toe te gaan. Evy zei alleen nee. Toen werd John boos en zei dat hij haar vader was en dat ze moest gehoorzamen. Evy hield haar poot stijf: “Ik wil je niet meer als vader. Je bent een creep en pakt mijn geluk af.” Hij sloeg haar keihard in het gezicht. Toen was het genoeg voor me. We hebben twee tassen gepakt en ik heb gedreigd de politie te bellen als hij ons probeerde tegen te houden. Iris en Jacqui hebben ons heel goed opgevangen. Iris heeft gelijk haar advocaat gebeld en die heeft een mediation-traject ingezet. Ik heb gisteren bij de politie melding gedaan van huiselijk geweld.’
‘Oh, wat een ellende. Ik voel me daar een beetje schuldig over.’
‘Als iemand zich schuldig zou moeten voelen, zou ik dat moeten zijn,’ zegt Jacqui. ‘Maar dat voel ik me niet.’
‘Je had gewoon gelijk, Jacq, dat je voor het geluk van de meisjes ging,’ merkt Iris op. ‘Dat is toch het belangrijkste.’
‘Dat vind ik ook wel,’ zegt Wanda, ‘en voor Ramon natuurlijk.’
‘Is Jacob er niet? Ik had hem eigenlijk wel verwacht. Wonen jullie niet bij elkaar?’
‘Niet echt. We wonen eigenlijk met elkaar op drie verschillende plekken. Jacob is vaak bij ons tegenwoordig. Soms alleen en vaak met Iris, en Jacqui is er ook vaak bij, Een ander weekend wonen we ineens met zijn allen bij Jacob in Zevenkamp, en dan weer allemaal in Wageningen bij Iris. Zo zijn we heel vaak bij elkaar. Jacob wilde dat ik vandaag in de schijnwerpers zou staan, en hij gunde Iris en mij een nacht samen. Hij komt morgen hierheen.’
‘Dat is wel heel grootmoedig van hem,’ vind Julia.
‘Ja, Jacob is heel aardig. Hij is helemaal niet jaloers. Heb ik jullie al verteld van de erkenning?’
‘Nee, is dat al gebeurd dan?’ verbaast Jacqui zich.
Ja, en het was heel hilarisch. De ambtenaar was een lief jong meisje, van Marokkaanse afkomst. Jacob vertelde steeds een klein beetje meer, en zij viel steeds verder uit haar rol. Ze vroeg waarom we de erkenning zo wilden, terwijl Ramon automatisch zijn zoon zou worden als we trouwden. En Jacob vertelde heel gewoon, dat hij al met iemand anders ging trouwen. Toen kwam het verhaal over hoe we alle drie gingen trouwen en hij vertelde dat Jacqui hem als vader had gevraagd voordat hij Iris ten huwelijk had gevraagd. Ze begon er steeds minder van te begrijpen. Toen liet hij dat filmpje zien dat jullie allebei op jullie knieën gingen. Dat vond ze prachtig.
Ze raakte de draad een beetje kwijt en vroeg of Iris dan de moeder van Ramon zou worden. Ramon dacht dat dat informeel wel zou gebeuren tijdens dat huwelijk.’
‘Oh die wist ik nog niet. Gaan jullie informeel trouwen?’
‘Jacob en ik gaan voor de wet trouwen, maar als een soort toneelstukje gaan Wanda en Jacob informeel trouwen, en Wanda en ik ook. In dat spel beloven we ook van elkaar te blijven houden en voor elkaar en de kinderen te zorgen. Dan neemt Jacob mijn dochter aan als de zijne, en ik neem Ramon aan als mijn zoon, en Jacqui en Ramon verklaren elkaar tot broer en zus.’
‘Wat een stunt,’ roept Julia. ‘Je moet maar lef hebben.’
‘Jacob is veranderd. Hij was altijd introvert en stil, maar het is alsof hij opnieuw heeft leren leven. Tegen Aicha was hij heel charmant, en het eind van het liedje was dat ze ons vroeg haar uit te nodigen voor ons huwelijk. We hebben adressen uitgewisseld en Jacob nodigde haar uit in de woongemeenschap, omdat ze ook wel eens met meer dan twintig man wilden eten.’
‘Die wist ik ook nog niet,’ zegt Julia.
‘Dat weekend dat we gingen kanoën waren we bij Jacob in de woongemeenschap. Iedereen was vreselijk aardig voor ons en zeker voor de meisjes.’
‘We waren met de kano bij de Retraiterie terecht gekomen. Daar gingen Ramon, Noa en Evy verstoppertje spelen,’ vult Iris aan.
Toen waren we met zestien man, geloof ik. Henk en Mathilde hadden speciaal voor ons gekookt. Het was vreselijk gezellig. Alleen konden we niet allemaal blijven slapen daar. Margriet, Noa en Evy zijn met mij mee naar huis gegaan. Maar de volgende dag gingen we met zijn allen naar het strandje. Daar hebben we in het water gespeeld, we hebben geluncht en toen was het weer tijd om naar huis te gaan.’ Jongens, ik had in gedachten om met de watertaxi naar de SS Rotterdam te gaan. Lijkt jullie dat leuk?’
‘Ja, goed idee,’ antwoordt Iris. ‘Dan trakteer ik op de terugweg op een dinertje.’

Ze roepen de kinderen en pakken de Metro naar de Watertaxi. Ze steken over naar Katendrecht. Op de SS Rotterdam gebruiken ze de lunch. Daarna bezichtigen ze het schip, met de prachtige trappen en Art-deco elementen.
Ze lopen de Maashaven langs naar metrostation Rijnhaven en stappen uit bij de Beurs.
Ze komen bij de Markthal en daarna langs de Kubuswoningen naar de Oude Haven. Daar zoeken ze een restaurant en komen uit bij Apartt waar ze gaan steengrillen. De kinderen vinden het prachtig. Als de maaltijd is afgelopen rijden ze met de Metro terug naar station Coolhaven.
Thuis brengen ze de kinderen naar bed. Ze komen allemaal mee naar boven om ze in te stoppen en ze een nachtzoen te geven.
‘Dank je wel voor de fijne dag, Wanda,’ zeggen Evy en Noa in koor.
‘Heel veel plezier nog, jongens.’
Jacqui en Julia slapen in Gerda’s kamer.
‘Wil je me even in je armen nemen, Jacqui. Ik wil aan fijne dingen blijven denken.’
‘Graag hoor. Ik ben niet vies van vrouwen hoor. Ik vind je gewoon lief, dat je alles voor Evy over hebt.’
Wanda en Iris kruipen heerlijk bij elkaar.
‘Wanda, ik vond je een hele lieve gastvrouw vandaag. Daar ga ik je heerlijk voor verwennen vannacht.’
‘Ik vond het heerlijk met jullie allemaal. Zelfs Julia was heel gezellig.’
‘Die zal het vannacht wel even voor haar kiezen krijgen. Maar Jacqui kan haar prima opvangen. Ze kan het nu gelukkig ook een beetje van zich af zetten, nu Gijsbert voor haar bezig is.’
Ze vrijen heel teder met elkaar.

Nadat ik de nacht heel plezierig met Anouk en Willem doorgebracht heb, vertrek ik naar de Schonebergerweg. Wanda en Iris komen direct in mijn armen. We hebben genoten vannacht, mannetje,’ zegt Iris.
‘Ík ook wel, hoor. Ik moest je de groeten doen van Anouk en Willem. Ze hebben voor volgende week een afspraak met de gynaecoloog.’
‘Goed hoor. Ik hoop maar dat ze een positieve uitslag krijgt.’
‘Pap, ik vond het toch wel jammer dat je er gisteren niet bij was.’
‘Ja, Ramons vader, we zijn helemaal naar die boot geweest met de watertaxi,’ zegt Evy enthousiast.
‘Die bonkte over de golven joh. Ik vond hem heel mooi die boot. Voeren die rijke mensen vroeger zo naar Amerika? Wat een luxe hè.’
‘Dag meisjes, hebben jullie het naar je zin gehad?’
‘Ja, en we hebben weer heerlijk genoten vannacht.’
‘Daar ben ik blij om.’
‘Wat leuk dat jij er dit keer bij bent, Julia. Mag ik je ook een knuffel geven?’
‘Ja, tuurlijk. Ik vond het fijn om er even uit te zijn, Jacob. Ik ben voorlopig weg bij John. Dat vertel ik je straks wel. Maar Wanda heeft vreselijk haar best gedaan gisteren en ik vond het best gezellig. Vannacht kreeg ik het even te kwaad, maar Jacqui heeft me opgevangen.’
‘Ja, lief is ze hè.’
‘Dank je wel, mannetje.’ Jacqui komt gelijk in mijn armen.
‘Ze heeft je als haar vader gevraagd, hè, Jacob?’
‘Ja, leuk hè. Het klikte eigenlijk gelijk tussen ons.’
‘Jacq is gewoon geweldig,’ zegt Evy.
‘Ik geloof dat we het daar wel over eens zijn, allemaal.’ zeg ik naar waarheid.
‘Ik word er verlegen van, jongens.’
‘Nee, dat mag best wel eens gezegd worden,’ vindt Julia. ‘Eigenlijk ben vooral jij verantwoordelijk voor het geluk van de meisjes. Daar ben ik je heel dankbaar voor, meid.’
‘Willen jullie nog even weg,’ stel ik voor. ‘We zouden even langs Delfshaven kunnen lopen, en misschien het Belastingmuseum kunnen bezoeken.’
‘Is dat niet saai?’ vraagt Noa.
‘Belasting betalen is best saai, maar het museum moet best leuk zijn.’
We maken een stevige wandeling en lunchen bij de Pannenkoekenboot.
We vertellen over het voorgenomen bezoek aan Grete in Denemarken.
Iris belooft dat ze ons vrijdag om tien uur ’s ochtends komt ophalen.
In het museum aan de Puntegaalstraat bekijken we veel smokkelpraktijken.
Thuis nemen we afscheid van het bezoek. Ik blijf die nacht gezellig bij Wanda slapen.
‘Het is toch wel heerlijk dat ik nu twee schatten heb, die het bed met me delen. Ik begin me heel gelukkig te voelen, jongen.’

Twitter Facebook LinkedIn Volgen


Convergerende Werkelijkheden (69)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (10,11,12)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (7,8,9)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (4,5, 6)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (2 + 3)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (1)