Convergerende Werkelijkheden (68)

  1. Beste Lezers, militairen leren hun eigen denken stil te zetten, in verband met hun positie in het leger. Daarom moet je niet gek staan te kijken als ze oorlogsmisdrijven plegen. Zeker in een land las Rusland gaat dat op. Je voedt zr met patriottisme, en als het dan niet helemaal gaat zoals gehoopt, hebben ze niet voldoende moreel kompas om hun handelen te kunnen beheersen, vooral als er collega's zijn gedood. Met heel veel training zou je zo'n moreel besef misschien wel aan kunnen leren, maar die gebruikt een bevelhebber liever om ze te leren vechten. Tegenstanders zijn op zijn hoogst derdeklas mensen. Daar moet je niet moeilijk over doen !!!
  2. Wij leren allemaal om onderscheid te maken tussen mensen. Meestal staan we zelf op de eerste plaats, onze naasten op de tweede, wat verdere familieleden en kennissen op de derde, blanke Nederlanders op de vierde plaats, en het kost al heel veel moeite om in een donkere Afrikaan nog een soortgenoot te herkennen. Mensen die niet veel reizen en nooit vriendschap hebben gesloten met donkere mensen, hebben het er nog moeilijker mee. Zonder er zelf veel aan te kunnen dien, zijn zij de grootste racisten. Maar als je moeite wilt doen om ook van mensen te gaan houden die er iets anders uitzien of er andere gewoonten erop na houden, kan je dat racisme wel overwinnen.
  3. De foto van dit keer is heel ontoepasselijk. Het is van de Fontana Thermen in Nieuweschans. Mary, Brenda en Sarah gaan erheen op een vriendinnenuitje, en Mary neemt dit keer Chloe mee. Tijdens dit uitje wordt het idee voor het Centrum voor een Gelukkig Levenseinde geboren, in boek 4 Reservepartners van de serie Tegenwoordig Testament.
  4. Ik wijs jullie nogmaals op de start binnenkort van boek 2 Oude Wonden, Nieuwe Grenzen in de auteursblog.
  5. In hoofdstuk 68 van her feuilleton krijgt Julia, de moeder van Evy, te maken met een botte en hardhandige echtgenoot. Iris zorgt voor opvang en een mediator. Tot ziens weer, Rob
Hoofdstuk 68 Mediation

Iris en Jacqui hadden afgesproken dat weekend bij Wanda en Ramon te logeren en zo mogelijk Noa en Evy mee te nemen. Donderdag krijgen ze een alarmerend telefoontje van Julia:
‘Kan ik nu bij jullie langskomen met Evy?’
‘Natuurlijk.’
‘Ik ben er over een kwartier.’
Tien minuten later staan ze voor de deur met elk een grote tas in hun hand.
Julia valt huilend in Iris’ armen, Evy klemt zich aan Jacqui vast.
‘Het is helemaal misgegaan, Iris. Ik vertelde dat Evy met jullie mee zou gaan naar Rotterdam. Toen verbood John haar ineens om te gaan. Voor het eerst die week verbrak Evy haar zwijgen. Ze zei gewoon “Nee”. John werd razend. Hij dreigde haar te slaan en schreeuwde: “Ik ben nog steeds je vader. Je moet gehoorzamen.” Ze keek hem ijskoud aan en zei weer: “Nee, ik moet jou niet meer als vader. Je bent een creep.” Toen kwam die klap.’
‘Oh, lieverd, wat verschrikkelijk.’
‘Ik werd woedend: “Dat flik je niet nog een keer om je dochter te slaan. Ik ga nu weg met Evy, en als je ons probeert tegen te houden bel ik de politie. Die handafdruk is nog duidelijk zichtbaar en dan word je gelijk opgepakt.” Ik weet niet waar ik het lef vandaan haalde, maar ik gaf Evy opdracht wat hoogstnoodzakelijke spullen te pakken en pakte zelf ook nog een tas en toen zijn we vertrokken met mijn autootje.’

Jacqui knuffelt Evy die langzaam ontdooit.
‘Wat een moed heb je, meisje.’
‘Ja, daar zit een kop op,’ zegt Julia. ‘Ze leek altijd zo schuchter, maar ze weet precies wat ze wil, en wat niet.’
‘En wat wil jij, Juul?’ vraagt Iris. ‘Dit is jouw moment. Ik zou dat niet voorbij laten gaan.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Ik zou een advocaat in de arm nemen. Die kan namens jou onderhandelen. Die kan hem onder druk zetten met een aangifte van geweld. Jij moet zelf kiezen wat je wilt, een directe scheiding of dat je hem nog een kans wilt geven. Maar in dat laatste geval zal hij moeten veranderen en zich bewust moeten zijn dat hij niet wegkomt met een botte opstelling.’
‘Ja, ik denk dat je objectief wel gelijk hebt. Maar ik heb het er wel moeilijk mee. Mag ik het even laten bezinken.’
‘Ja, natuurlijk. Willen jullie wat eten?’
‘Ik denk niet dat ik er wat in krijg.’
‘Gewoon proberen, meid. Je moet even je rust nemen en daarna eens goed nadenken met een lege geest.’
Jacqui begint de tafel te dekken en Evy gaat haar helpen. Ze gaan aan tafel en beginnen te eten. Binnen de kortste keren hebben zowel Julia als Evy flink wat naar binnen gewerkt.
Iris begint:
‘Ik ken een goede advocaat. Die heeft voor Diederik en mij al best wat klussen opgeknapt. Die vertrouw ik blindelings. Je hoeft niet gelijk te beslissen, maar een eerste intake doet hij vaak gratis.’
‘Wat ben jij sterk, Iris.’
‘Dat is wel eens anders geweest, Julia. Ik ben gegroeid doordat ik weer gelukkig werd met Jacob, nadat ik mijn man verloren had. En alle mensen om me heen werden ook gelukkig. Dat gaf me het vertrouwen om door te zetten. Daar vertel ik je nog wel over.’
‘Denk je dat we snel terecht kunnen?’ vraagt Julia.
‘Dat weet ik als ik bel.’
‘Wil je dat doen alsjeblieft?’

‘Gijsbert Zijderveld, advocaat.’
‘Dag Gijs, met Iris. Ik heb je nodig voor een vriendin van me. Heb je vandaag nog even tijd?’
‘Voor jou maak ik dat. Lukt vier uur hier op kantoor.’
‘Fijn, dank je. Tot zo.’

‘Eef, ik ga daar niet over, maar ik denk dat het goed zou zijn als je meeging,’ zegt Jacqui. ‘Jij hebt duidelijk je wensen en ik denk dat je ouders daar rekening mee moeten houden. Sorry Julia, dat was even wat kort door de bocht, maar ik meen het wel.’
‘Het is al goed. Je hebt nog gelijk ook. John en ik kunnen van alles afspreken, maar daar mag Evy niet de dupe van worden. Zou je dat willen, kindje?’
‘Ja, ik wil graag vertellen wat ik wil,’ reageert Evy koppig.
‘Goed hoor,’ geeft Iris een compliment. ‘Je hebt geleerd voor jezelf op te komen.’

Zo begeven Iris, Julia en Evy zich naar de Costerweg en melden zich bij de receptie.
Na drie minuten komt Gijsbert hen halen. Ze krijgen koffie en Evy sinas.
‘Waarmee kan ik jullie helpen?’ vraagt hij vriendelijk.
‘Evy had met haar nichtje Noa afgesproken om te gaan logeren bij hun vriendje Ramon, en Iris en haar dochter zouden haar wegbrengen. Toen ging mijn man John zich ermee bemoeien en verbood dat. Evy gooide haar kont tegen de krib en zei gewoon nee. John dreigde dat hij nog steeds haar vader was en dat ze gewoon moest gehoorzamen. Toen zei ze keihard dat ze hem niet meer als vader wilde en dat hij een creep was.’
‘Ik was eindelijk gelukkig geworden en dat mag hij me niet afpakken,’ zegt Evy.
‘Toen gaf John haar een harde klap. Ik werd laaiend, en zei dat hij dat niet nog eens moest doen. Toen zijn we vertrokken en bij Iris terechtgekomen.’
‘Is dit de eerste keer dat het uit de hand liep?’ vraagt Gijsbert.
‘Op deze manier wel, maar mijn dochter praat de hele week al niet met hem. Hij heeft haar zwaar beledigd, met zijn botte opmerkingen. Mijn man is overdreven beschermend tegen zijn dochter. Ze mag niets en hij wil alles controleren. Daar kan ze niet tegen en daarom is ze vaak bij haar nichtje Noa. Die twee kunnen het prima vinden. Tijdens een dansavond hadden ze een leuke jongen van vijftien leren kennen en ze vonden hem allebei aardig.’
‘Dat is mijn stiefzoon. Hij is heel aardig.’
Ramon nodigde de twee meiden uit om bij zijn moeder te logeren. Mijn schoonzus Margriet is met hen meegegaan en ze hebben een heerlijk weekend doorgebracht. Ze zijn gaan kanoën met zijn allen en gaan zwemmen. Noa en Evy waren allebei een beetje verliefd op dat jong geworden, maar dat vonden ze prima en ze gunden het elkaar ook. Ze waren vreselijk enthousiast toen ze thuiskwamen en zouden elkaar het volgend weekend weer ontmoeten in Wageningen.’
‘Jacqui en Martijn hadden ze meegevraagd naar Ouwehands Dierenpark en ze hadden een geweldige dag. Jacq had ze uitgenodigd om te logeren en dat met Margriet en Julia kortgesloten. De meisjes vonden het prachtig met Ramon, ze waren helemaal niet jaloers en heel gelukkig en hebben elkaar beloofd heel lang met elkaar door te gaan.’
‘Toen ze thuis kwamen straalde het geluk van hun gezichten en ze waren heel enthousiast. De ouders van Ramon zijn nog even binnen geweest om kennis te maken toen ze Evy thuisbrachten. Dat zijn twee aardige mensen. Maar de mannen kregen argwaan en vonden dat zij moesten bepalen met wie hun dochters omgingen. John zei letterlijk dat jongens meisjes moeten veroveren en dat meisjes niet voor hun eigen plezier mogen opkomen. Sindsdien heeft Evy hem niet meer aangekeken en niets meer tegen hem gezegd.’
‘Ik wil hem niet meer als vader. Hij probeert me mijn geluk af te nemen. Vaders moeten juist zorgen dan hun kinderen gelukkig zijn.’
‘Ja, dat vind ik eigenlijk ook wel. Maar soms kunnen ouders iets beter overzien wat hun kinderen geluk zal brengen.’
‘Ik weet ook wel dat dit geluk misschien niet altijd blijft duren,’ zegt Evy. ‘Maar we zijn nu gelukkig en we hebben goede afspraken gemaakt. Dan mag hij mijn geluk niet afpakken. Dat is gemeen. Ik wil geen man die me overweldigt. Ramon is gewoon aardig en wil ons plezier geven.’
‘Je hebt er goed over nagedacht, hoor ik,’ zegt Gijsbert ‘Ja ik vind zelf ook wel dat mannen en vrouwen gelijkwaardig moeten zijn en een man niet de baas moet proberen spelen, maar veel mannen hebben nooit anders geleerd en sommige godsdiensten vinden nog steeds dat de man het hoofd is. Wat zou jij willen, Julia?’
‘Als hij niet verandert, en bij zijn botte opvattingen blijft, en zeker niet als hij zijn handen niet thuis kan houden, hoef ik hem niet meer terug. Ik heb al gedreigd aangifte te doen wegens huiselijk geweld.’
‘Dat lijkt me heel terecht. Maar zou je hem nog een kans willen geven als hij wel verandert?’
‘John kan ook wel heel teder zijn, hij is vaak overbezorgd en slaat gauw op tilt. Dat pik ik niet meer. Als hij ons terug wil, moet hij duidelijk verklaren dat hij de wensen van zijn dochter gaat respecteren, geen haantje meer gaat spelen en zijn handen thuis laat. Bij de eerste overtreding zou gelijk het scheidingsproces in werking treden.’
‘Dat lijkt me een prima opstelling. Ik zou in ieder geval een melding doen bij de politie. Dan staat dat geregistreerd. Die kan je later omzetten in een formele aangifte. Wij zijn gespecialiseerd in mediation. Dat betekent dat wij contacten gaan leggen met beide partijen en proberen te komen tot een soort overeenkomst, waar beide partijen beloven zich aan te houden. Dat zou inderdaad zwart op wit moeten, met de sancties eraan gekoppeld. Ik kan me een formele aangifte als sanctie voorstellen en een direct scheidingsverzoek als hij nog eens zijn handen gebruikt.’
‘Ik wil hem voorlopig niet meer onder ogen komen.’
‘Dat hoeft ook niet, daar zorgen wij voor,’ zegt Gijsbert.
‘Dat lijkt me geweldig. Wat zijn de kosten van de bemiddeling?’
‘Die krijg je niet te zien, Julia,’ zegt Iris. ‘Die zijn voor mijn rekening.’
‘Jij bent gek.’
‘Ja, dat hebben er meer gezegd, maar ik voel me er prima bij.’
‘Zo ken ik je weer, meid,’ zegt Gijsbert. ‘Ik wil straks nog even horen hoe het met jou gegaan is. Maar laten we dit even afronden. Ik heb een formele opdracht nodig om op te kunnen treden. Zou je die willen tekenen? We houden regelmatig een evaluatie. Als onze bemiddeling niet oplevert wat je verwacht beëindigen we de overeenkomst.’
Julia tekent de opdracht en Iris tekent voor de kosten. Evy parafeert voor gezien.

Zo, wil je me nu vertellen hoe het je vergaan is. Ik hoorde al dat je weer vol energie aan het werk was.’
‘Ik kwam een vriend van heel vroeger tegen. Hij was op zoek naar me. Dat gaf me al een blij gevoel. Hij had een vriendin meegenomen die hem had geholpen mij te vinden. Het klikte gelijk tussen ons drie. Ik had nog wat tijd nodig om het verlies te verwerken. Toen heb ik Jacob uitgenodigd bij me thuis en hem gevraagd of hij een relatie met me wilde proberen. Hij was dolblij en ik ook. We zijn nu elk weekend bij elkaar. We zijn samen met vakantie geweest en toen hebben we elkaar ten huwelijk gevraagd. Anouk is mijn vriendin geworden. We zijn vreselijk gelukkig samen, en het mooiste is dat Jacqui hem als haar vader gevraagd heeft. Dat was nog voor we met vakantie gingen. We hebben gewisseld. Jacqui en Martijn zijn nu de hoofdbewoners van ons huis. Jacob en ik hebben een eigen appartement op zolder en we zijn allemaal heel gelukkig.’
‘Nou geweldig. Hartstikke gefeliciteerd meid. Ik vond je al geweldig, maar nu sluit ik je helemaal in mijn hart.’
‘Tussen jou en Hanna ook nog alles goed?’
‘Nog nooit zo goed gewest. Zullen we eens afspreken met zijn vieren voor de gezelligheid?’
‘Lijkt me heerlijk. Ik mail je wat data door en je bent vast uitgenodigd voor ons huwelijk.’

Ze nemen afscheid.
‘Mag ik je uitnodigen om op een terrasje wat te drinken, Iris.’
‘Heel even, want Jacqui is vreselijk nieuwsgierig en wil natuurlijk gelijk weten hoe het gegaan is.’
Ze zoeken een tafeltje uit en geven de bestelling door.
‘Jij hebt een heel bijzondere dochter, Iris.’
‘Ja, dat vind ik ook,’ komt Evy ertussen. ‘Jacqui heeft me geleerd om voor mezelf op te komen. We waren verstoppertje aan het spelen en Noa en Ramon bleven wat lang weg. Ik zat wat te sippen, maar Jacq kwam naar me toe en zei dat ik me niet opzij hoefde te laten zetten. Ze gaf me een tip en daarna liepen Ramon en ik hand in hand naar de buutplaats. Ze had gezegd dat ik daarna Noa een zoen moest geven, omdat zij op dat moment veel belangrijker voor me was. Dat heb ik gedaan en toen waren we ineens niet meer jaloers op elkaar.’
‘Dat was me nog niet eens opgevallen, maar dat is typisch Jacq om iedereen bij elkaar te houden.’
‘Volgens mij ben jij precies hetzelfde, Iris,’ zegt Evy.
‘Dank je wel, meid.’
‘Maar hoe zit het nou? Ik begreep dat Ramons ouders weer bij elkaar waren, maar jij zegt dat Jacob en jij gaan trouwen.’
‘Ja, dat klopt allebei. Jacob wist niet dat hij een zoon had. Toen Wanda de relatie verbrak had ze niets gezegd. Maar ze was heel verbitterd en ik begreep haar pijn, omdat ze heel veel voor Jacob over had gehad. Jacob zat er ook een beetje mee. We hebben samen een plan gemaakt om die pijn te verlichten. Ik heb Wanda een persoonlijke brief gestuurd, die Jacob, Jacqui en ik samen hadden opgesteld. Ik heb haar gevraagd om samen te zoeken naar oplossingen om die pijn te verminderen en gevraagd om elkaar een keer te ontmoeten. Daar is ze op ingegaan. Ik hoorde dat Ramon inderdaad van Jacob was. Ik heb Wanda gevraagd mijn vriendin te worden en dat wilde ze ook graag. Toen werden Jacob, Jacqui en ik bij haar uitgenodigd. Jacob heeft kennisgemaakt met zijn zoon en gevraagd of die met hem om wilde blijven gaan. Jacqui heeft zich gelijk over Ramon ontfermd en we zijn allemaal vrienden geworden. Jacq had Ramon uitgenodigd om samen met haar en Martijn uit te gaan en toen kwamen ze Evy en Noa tegen. De rest weet je eigenlijk.’
‘Jezus, dat is bijna te mooi om waar te zijn. En jij krijgt dat allemaal voor elkaar?’
‘Ja, daar sta ikzelf ook wel eens van te kijken. Ik denk dat het komt omdat ikzelf zo gelukkig ben, dat ik dat ook voor anderen wil. Het gaat niet altijd vanzelf. Het kostte best veel moeite om door Wanda’s verbittering heen te komen. Maar toen bleek ze ineens heel erg lief en zijn wij ook van elkaar gaan houden.’
‘Jij bent inderdaad heel bijzonder. Eigenlijk het beste wat me sinds tijden is overkomen.’
‘Ja, dat vind ik ook,’ reageert Evy. ‘Zij doen niet moeilijk. Voor hen kunnen meer mensen ook gewoon van elkaar houden. Dat is toch mooi.’
‘Oh, wat heerlijk, meisje. Dus daardoor konden jij en Noa allebei van Ramon houden en werden jullie allebei gelukkig. Nou als het aan mij ligt blijft dat nog heel lang duren.’
‘Dank je, mam. Ik ben zo blij dat jij me begrijpt.’
Ze gaan naar huis en vertellen het nieuws van de mediation.
‘Jacq, in heb heel bijzondere verhalen gehoord zojuist. Ik heb grote bewondering voor jou en voor je moeder.’
‘Ze heeft zeker de kosten voor de mediation op zich genomen.’
‘Hoe weet jij dat nou weer?’
‘Ik ken haar alsof ik haar zelf gebaard heb.’
‘Volgens mij was dat andersom,’ zegt Iris verbouwereerd.
‘Wat boeit het. We zijn gewoon vlees en bloed.’

‘Jullie blijven gewoon hier slapen vannacht, stel ik voor,’ biedt Iris aan.
‘Ja graag. Lieverd, ik wil je nog even hartelijk bedanken voor alles wat je voor ons doet en al gedaan hebt.’
Ze geeft Iris een knuffel en gaat dan door naar Jacqui.
‘Ik wil graag met jullie mee dit weekend om eens goed met Wanda en Jacob kennis te maken.’
‘Van harte welkom.’
‘Hoi,’ roept Evy. ‘Gaan we echt, ma?’
‘Ja, natuurlijk. Ik kan ook wel even een uitje gebruiken. Heb jij al van Noa gehoord, Iris?’
‘Volgens de laatste berichten gaat ze gewoon mee, maar je weet maar nooit.’
‘Ik bel Margriet wel even’
‘Hoi met mij. Ik ben nu bij Iris. Ik ga in ieder geval met Evy naar Rotterdam. Gaan jullie ook mee?’
‘Wat leuk, Noa komt in ieder geval. Ik was het wel van plan, maar nu jij gaat hoef ik niet per se mee.’
‘Heb jij geen problemen gehad met Mark?’
‘Een beetje, maar die hebben we overwonnen.’
‘Ik ben met Evy bij John weggegaan. We hebben net een mediator ingeschakeld. We zien wel wat eruit komt.
‘Oh god. Was het zo erg?’
‘Hij heeft mijn dochter geslagen. Dat had hij net niet moeten doen. Mijn advocaat gaat met hem onderhandelen over de voorwaarden waaronder ik misschien bij hem terug wil komen. Maar dan moet hij flink veranderen, anders moet ik hem niet meer.’
‘Gelijk heb je.’
‘Jij had dat weekend zeker ook met Iris en Jacqui kennisgemaakt. Wat een schatten hè.’
‘Ja, die hebben zo veel liefde in zich. Dat is prachtig.’
‘Ik heb het hele verhaal gehoord. Ik stond versteld. Laat nog even horen of je meegaat. Ik vind het best gezellig als je erbij bent.’
‘Ik ga mijn best doen, doei.’

Twitter Facebook LinkedIn Volgen


Convergerende Werkelijkheden (68)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (10,11,12)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (7,8,9)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (4,5, 6)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (2 + 3)

Oude Wonden, Nieuwe Grenzen (1)